Nieuws
PSA: referentiewaarde versus klinische beslisgrens
Bij PSA-diagnostiek is het belangrijk om onderscheid te maken tussen de referentiewaarde en de klinische beslisgrens uit de NHG‑Standaard Prostaatkanker.
PSA‑referentiewaarden
Dit zijn statistische grenzen die aangeven welk PSA‑niveau als ‘normaal’ wordt beschouwd in een gezonde populatie. Referentiewaarden kunnen per laboratorium en analysemethode verschillen.
Klinische beslisgrens volgens NHG
De NHG hanteert een PSA‑waarde van ≥ 3,0 µg/L als klinische beslisgrens om – bij afwezigheid van aanwijzingen voor prostatitis of cystitis – een verwijzing naar de uroloog te overwegen.
Ondersteuning in de laboratoriumuitslag
Om de interpretatie te vergemakkelijken stuurt het KCHL automatisch een toelichtende opmerking mee wanneer een PSA‑uitslag tussen de laboratoriumreferentiewaarde en de NHG‑beslisgrens ligt. Deze opmerking is zichtbaar op dezelfde plek in het huisartsinformatiesysteem als de anemie‑conclusies. De tekst hiervan is recent geactualiseerd conform de meest recente NHG‑richtlijn.