Print deze werkafspraak

Transmurale zorgpaden Verdenking Diepe Veneuze Trombose en Longembolie

Algemeen

In deze werkafspraak worden de zorgpaden Longembolie (LE) en  Diepe Veneuze Trombose ( DVT)  afzonderlijk beschreven. 

De werkafspraak is mede herzien omdat er leeftijdsafhankelijke afkapwaarden voor de D-dimeer in het kader van DVT ingevoerd zijn en er bij LE gebruikt wordt gemaakt van de nieuwe YEARS criteria . Het papieren aanvraagformulier is komen te vervallen.

In het Zorgdomeinmenu  Diagnostiek > Laboratorium >KCHL Tergooi wordt onderscheid gemaakt tussen  D-dimeer /LE verdenking of D- dimeer/ DVT verdenking. Bloedafname voor dit laatste onderzoek vindt alleen plaats in het ziekenhuislaboratorium.

De uitslag van de D-dimeertest /LE verdenking wordt door het KCHL altijd direct aan de aanvrager doorgebeld zodat deze verdere actie kan ondernemen.

De uitslag van de D-dimeertest /DVT verdenking wordt niet aan de huisarts doorgebeld maar het KCHL verwijst bij een verhoogde waarde de patient intern door naar de radiologie. De D-dimeer uitslag wordt regulier aan de huisarts doorgegeven via edifact. De huisarts is als aanvrager verantwoordelijk voor het beleid indien de D-dimeertest wel verhoogd is gebleken maar er echografisch geen DVT aantoonbaar is en de patient na het bezoek aan de afdeling radiologie weer naar huis is gegaan.

Bij verdenking  DVT wordt de eerstelijnsbeslisregel gebruikt alvorens een D-dimeertest of direct een echo DVT aan te vragen.

Bij verdenking LE wordt altijd een D -dimeer aangevraagd tenzij een spoedverwijzing nodig is.

 

LONGEMBOLIE

Anamnese en lichamelijk onderzoek zijn beiden aspecifiek voor een longembolie en is er altijd aanvullend onderzoek noodzakelijk.  Bij verdenking LE wordt daarom buiten het bepalen van de klinische score altijd een D -dimeer aangevraagd.

1. Bepalen van de klinische score volgens het nieuwe YEARS algoritme.

De YEARS beslisregel bestaat uit 3 items van de vroeger gebruikte Wells score:

  • Klinische tekenen van een trombosebeen
  • Hemoptoë
  • Longembolie meest waarschijnlijke diagnose

2. Vervolgens bepaling ‘D-dimeer/LE verdenking’ aan via Zorgdomein. KCHL Tergooi bepaalt dan ook CRP, Hb, Leukocyten en Kreatinine. Deze bloedafname kan ook plaatsvinden op de prikposten.

3. De uitslag van de D-dimeer wordt altijd aan de aanvrager doorgebeld door het KCHL.  De huisarts vermeldt op het aanvraagformulier in Zorgdomein het telefoonnummer waarop hij/zij direct bereikbaar is, ook buiten openingstijden van de praktijk om te voorkomen dat de HAP gebeld moet worden. Bij voorkeur wordt ook het telefoonnummer waarop de patiënt bereikbaar is genoteerd. De aanvrager is verantwoordelijk is voor het vervolgbeleid na het doorbellen van de D-dimeer uitslag.

Spoedverwijzing naar de SEH  bij 1 van de volgende bevindingen:

  • D-dimeer > 1.0 mg/L
  • D-dimeer > 0.5 mg/L én hoge verdenking longembolie (dus 1-3 items van de YEARS-criteria)
  • Perifere saturatie O2 < 90 %
  • Zwangere patiënt
  • Zieke of instabiele patiënt

Spoedverwijzing alleen na telefonisch overleg met de dienstdoende internist of longarts. Patiënten met een voorgeschiedenis bij de interne geneeskunde of longgeneeskunde worden verwezen naar het desbetreffende specialisme.

 

YEARS algoritme

 

 

 

Laboratorium (KCHL)

Het laboratorium bepaalt iedere aangevraagde D-dimeer/LE  direct en belt de uitslag altijd door aan de aanvrager. Het is daarom van belang dat de aanvrager op het Zorgdomein aanvraagformulier het telefoonnummer vermeldt waarop hij/zij direct bereikbaar is voor het doorbellen van de uitslag, ook buiten openingstijden van de praktijk om te voorkomen dat de HAP gebeld wordt. Bij voorkeur ook het telefoonnummer waarop de patient bereikbaar is noteren.

 

Specialist

De internist of longarts ziet de patient op de SEH  voor verdere diagnostiek en eventuele behandeling en bericht de huisarts hierover.

DIEPE VENEUZE TROMBOSE (DVT) Flowchart

Bij iedere verdenking op een DVT wordt de eerstelijns beslisregel gebruikt om te bepalen of er een D-dimeer test gedaan moet worden of direct een echo DVT. Bij een aangetoonde DVT middels een echo wordt dezelfde dag gestart met antistollingsbehandeling. Een voorwaarde voor de beschreven werkwijze is dat patiënten in aanmerking komen voor thuisbehandeling. Indien zij voldoen aan 1 van de exclusiecriteria (zie tabel onderaan dit document) dan dient de huisarts bij verdenking DVT direct te overleggen met de dienstdoende internist voor presentatie op de SEH. In alle andere gevallen wordt onderstaand stroomschema gevolgd.

Huisarts Eerstelijns beslisregel

De huisarts schat de kans op een DVT op basis van de eerstelijns beslisregel in. Dit geldt niet voor patiënten die al anticoagulantia gebruiken.

  • Man  (1 punt)                                                          
  • Gebruik  systemische anticonceptiva   (1 punt)        
  • Maligniteit aanwezig  (1 punt)                                   
  • Recente operatie (<4 weken)  (1 punt)                     
  • Afwezigheid trauma dat zwelling verklaart  (1 punt)
  • Uitgezette venen been  (1 punt)                              
  • Verschil kuitomvang > 3cm  (2 punten) 

    Bij een score ≤ 3: D-dimeer aanvragen via Zorgdomein Lab D-Dimeer/DVT verdenking. Deze bepaling vindt uitsluitend in het ziekenhuis plaats. De patiënt dient in het ziekenhuis te wachten op de cito-uitslag. Is de D-dimeer uitslag hoger dan de leeftijdsafhankelijke afkapwaarde (D-dimeer < 0.50 mg/L voor patiënten ≤ 50 jaar; D-dimeer < [0.01*leeftijd in jaren] mg/L voor patiënten > 50 jaar) dan wordt patiënt door het KCHL intern doorverwezen naar de radiologie voor een echo van het diepe veneuze systeem.

    Let op: De bepaling van de D-dimeer wordt gedaan tijdens de dagzorg, dat wil zeggen op werkdagen tussen 08.00 en 16.00 uur, dus niet tijdens ANW-dienst. Indien de patiënt na 16.00 uur bij het KCHL geprikt wordt kan er bij een verhoogde D-dimeer door het KCHL geen zorg gedragen worden voor interne verwijzing naar de radiologie voor een spoedecho van het diepe veneuze systeem en wordt de huisarts of de HAP gebeld. De huisarts dient dan te overleggen met de dienstdoend internist voor doorverwijzing naar de SEH.

    Bij een score ≥ 4 : Direct verwijzen naar de radiologie voor een spoed echo van het diepe veneuze systeem. De huisarts meldt de patiënt telefonisch aan bij Radiologie T 088-753 15 00, op werkdagen van 08.00-17.00 uur. De huisarts geeft de patiënt een algemeen radiologie aanvraagformulier mee voor een "echo diepe veneuze systeem".                                 

  • Indien het niet mogelijk blijkt in dezelfde dagdienst nog een echo te maken kan de huisarts in overleg met de dienstdoende internist starten met de antistollingsbehandeling en maakt een afspraak voor een echo voor de eerstvolgende werkdag.

Patiƫnt

Bij score <-3: Gaat direct naar het laboratorium in Tergooi ZH en wacht op de uitslag van de D-dimeer test. Wordt bij een verhoogde D-dimeer uitslag intern doorverwezen naar de Radiologie.

Bij score >- 4 : Meldt zich bij de Radiologie voor een spoedecho. 

Als een DVT is aangetoond in Tergooi MC Hilversum wordt de patiënt tijdens kantooruren (maandag t/m vrijdag tussen 08.00 en 16.00 uur) gezien op de Polikliniek Interne Geneeskunde en buiten kantooruren op de SEH.

In Tergooi MC

  • Laboratorium doet D-dimeer cito-bepaling en stuurt de patiënt door naar de Radiologie bij een positieve uitslag en naar huis bij een negatieve uitslag.
  • Laboratorium stuurt de uitslag via edifact naar de aanvrager, deze wordt niet doorgebeld.
  • Radiologie doet een spoedecho en stuurt de patiënt bij een positieve uitslag naar de SEH.
  • De dienstdoende internist start de behandeling, geeft instructie en advies voor de vervolgbehandeling door aan de huisarts.

Uitleg KCHL D-dimeeruitslag bij DVT

Vanaf 16 november 2020 zal het KCHL aan de D-dimeeruitslag bij patiënten ouder dan 50 jaar de volgende tekst toevoegen: ‘Om een DVT uit te sluiten geldt bij een niet-verhoogde score op de Eerstelijns beslisregel DVT bij patiënten >50 jaar een leeftijdsgerelateerde afkapwaarde van leeftijd x 0,01 mg/L. De hier van toepassing zijnde leeftijdsgerelateerde afkapwaarde is < x,xx* mg/L’.

* Deze waarde wordt automatisch uitgerekend door ons laboratorium informatie systeem

 

Brief aan huisartsen

12 november 2020 

 

Leeftijdsafhankelijke stijging van d-dimeer: consequentie voor diagnostiek van Diep Veneuze Trombose

Bij een verdenking van een Diepe Veneuze Trombose (DVT) wordt in het kader van de risicoschatting gebruikgemaakt van de Eerstelijns beslisregel DVT (1) om de voorafkans in te schatten. Indien de voorafkans op basis van de klinische beslisregel als laag wordt ingeschat (score ≤ 3), kan vervolgens de D-dimeer bepaling gebruikt worden. Indien de waarde daarvan kleiner is dan 0,50 mg/L, dan kan de aanwezigheid van een DVT met voldoende zekerheid worden uitgesloten. De D-dimeerwaarde stijgt echter geleidelijk met de leeftijd (2). Als gevolg daarvan, komt de waarde van de D-dimeer bij mensen met een leeftijd boven de 50 jaar ook zonder DVT vaak al hoger dan 0,50 mg/L uit. Daarmee is het toepassen van de test en het eerder genoemde afkappunt zonder aanvullende maatregelen feitelijk niet zinvol. Dit heeft tot gevolg dat bij mensen boven de 50 jaar vrijwel altijd beeldvormend vervolgonderzoek nodig is (compressie-echo) voor het aantonen/uitsluiten van een trombosebeen.

Aanpassen afkapgrens

Uit meerdere retrospectieve studies is inmiddels gebleken dat de afkapgrens voor de D-dimeer test tot <0,01 x leeftijd (bij patiënten boven de 50 jaar) veilig kan (3,4). Dus bij een 80-jarige patiënt wordt de afkapwaarde < 0,01x80 = <0,80 mg/L. Voor patiënten die in 2019 zijn ingestuurd naar Tergooi met de vraagstelling DVT is retrospectief onderzocht of gebruikmakend van de leeftijdsafhankelijke D-dimeer DVT veilig uitgesloten kon worden bij patiënten ouder dan 50 jaar. Dit bleek ook in ons eigen cohort het geval.

In samenspraak met de internisten gaat het klinisch chemisch en hematologisch laboratorium ( KCHL) daarom over op deze nieuwe leeftijdsgerelateerde afkapwaarde voor de vraagstelling DVT. 

Het KCHL zal bij het toepassen van de werkafspraak in het kader van de vraagstelling longembolie GEEN gebruik maken van een leeftijdsafhankelijke cut-off voor D-dimeer. Inmiddels is namelijk duidelijk geworden dat bij het toepassen van de YEARS criteria om de klinische waarschijnlijkheid van longembolie in kaart te brengen het gebruik van een leeftijdsafhankelijke cut-off voor D-dimeer geen meerwaarde heeft (5).

Meer informatie

Met vragen of opmerkingen kunt u contact opnemen met: Karin Daemen, internist-vasculair geneeskundige; Pieter Willem Kamphuisen, internist-vasculair geneeskundige; Ellen Jeninga, klinisch chemicus of Kim de Bruyn, klinisch chemicus.

 

1. NHG-Standaard Diepe veneuze trombose en longembolie (2017). https://www.nhg.org/standaarden/samenvatting/diepe-veneuze-trombose-en-longembolie

2. Harper PL, Theakston E, Ahmed J, Ockelford P. D-dimer concentration increases with age reducing the clinical value of the D-dimer assay in the elderly. Intern Med J. 2007;37(9):607-13

3. R. Douma et al. Using an age-dependent D-dimer cut-off value increases the number of older patients in whom deep vein thrombosis can be safely excluded. Haematologica 2012;97(10):1507-1513.

4. Schouten HJ et al. Diagnostic accuracy of conventional or age adjusted D-dimer cut-off values in older patients with suspected venous thromboembolism: systematic review and meta-analysis. BMJ. 2013 May 3;346:f2492.

5. Van der Hulle T et al. Simplified diagnostic management of suspected pulmonary embolism (the YEARS study): a prospective, multicentre, cohort study. The Lancet 2017; 390: 289-297.

Behandeling en exclusiecriteria thuisbehandeling DVT (=spoedverwijzing SEH/internist)

Richtlijnen beleid DVT

https://richtlijnen.nhg.org/standaarden/diepveneuze-trombose-en-longembolie#samenvatting-richtlijnen-beleid

Exclusiecriteria thuisbehandeling (=spoedverwijzing SEH/internist): 

  • Zwangerschap en kraamperiode
  • < 18 jaar: naar kinderarts verwijzen
  • Ernstige en snel toenemende DVT
  • Nierinsufficientie met name GFR < 30ml/min
  • Bij het vermoeden van tevens een longembolie
  • Extreem overgewicht;  BMI>50
  • Verhoogd risico op ernstige bloeding
  • Maligniteit aanwezig

Leden Werkgroep laatste uitgave

3e  versie

Ellen Jeninga, klinisch chemicus Tergooi MC

Daniël Lionarons, AIOS interne geneeskunde Tergooi MC

Marianne Pupping, huisarts